Onderzoek aan steenuilen: een inleiding
|
| ad 2 - broedbiologisch onderzoek |
|
Handleiding broedbiologisch onderzoekOp 12 februari 2011 is de geheel vernieuwde Handleiding broedbiologisch onderzoek Steenuil verschenen (uitgave STONE; van Harxen & Stroeken, 2011). Deze handleiding vervangt het hoofdstuk over broedbiologisch onderzoek uit de Handleiding voor onderzoek en bescherming uit 2001, alsmede de daarin opgenomen bijlagen 2, 3, 4 en 5. AchtergrondinformatieDoelBroedbiologisch onderzoek is een waardevolle bron van kennis over het wel en wee van de Steenuil. Samen met ringgegevens, monitoring-, voedsel- en nestplaatsonderzoek verschaft informatie over de reproductie bruikbare kennis en hopelijk ook verklaringen van de knelpunten en trends van onze kleinste uilensoort.
Centrale vraag is of de reproductie voldoende is voor een stabiele populatie. Daarmee bestaat er een directe link met het populatieonderzoek. Onderzoek naar de reproductie geeft zicht op de vitaliteit van een populatie en verschaft aanknopingspunten bij de populatieontwikkeling die door monitoring wordt vastgesteld.
De belangrijkste parameter is het broedsucces: het gemiddeld aantal uitgevlogen jongen per broedpaar (gestart nest) in een seizoen. Verder zijn we geďnteresseerd in legselgrootte, legselstart, uitkomstsucces van de eieren, groei en conditie van de jongen, mislukkingsoorzaken, verhouding geslaagde-mislukte nesten (nestsucces) en eventuele vervolglegsels. Methode Broedbiologisch onderzoek betekent nestonderzoek. Door een gerichte planning kunnen op basis van enkele nestbezoeken op een systematische en gestandaardiseerde wijze, waardevolle gegevens worden verzameld over de reproductie. De nieuwe Handleiding broedbiologisch onderzoek Steenuil uit 2011 gaat in op alle aspecten van het onderzoek. NestkaartenIn 1996 is SOVON het Nestkaartenproject gestart. Dit richt zich op het verzamelen van lotgevallen van nesten. Het onderzoeksproject is vooral voor gevorderde vogelaars, die weten hoe ze te werk moeten gaan. Uitgebreide informatie over het Nestkaartenproject is te vinden op de website van SOVON. Binnen het Nestkaartenproject zijn 30 ‘beleidsrelevante’ soorten geselecteerd die een hoge beschermingswaarde hebben of een goede indicator zijn van een bepaalde soortgroep of habitat. De Steenuil behoort daartoe. Verspreid over heel Nederland wordt veel broedbiologische informatie verzameld. Veel waarnemers vullen van elke broedpoging een SOVON-Nestkaart in. STONE stimuleert het gebruik van deze nestkaarten van harte, omdat op die manier de broedbiologische gegevens op een standaardwijze worden genoteerd en centraal worden verzameld. SOVON en STONE werken hierbij intensief samen. Gegevens voor het Nestkaartenproject kunnen worden ingevoerd met een speciaal invoerprogramma dat SOVON heeft ontwikkeld. Het invoerprogramma biedt ook de mogelijkheid de eigen gegevens te analyseren. Medewerkers aan het Nestkaartenproject worden geregeld voorzien van een speciale nieuwsbrief. PredatieonderzoekEen aspect van het broedbiologisch onderzoek is het in kaart brengen van het mislukken van nesten door predatie. Met name de predatie door Steenmarters staat in de belangstelling. STONE heeft hierover een genuanceerde mening en wil beslist voorkomen dat er een hetze tegen de Steenmarter of enig andere predator ontstaat. Elk dier verdient immers zijn plek op ons platteland! Wel is het natuurlijk interessant om een beeld te vormen van de omvang van marterpredatie (neemt het echt toe?) in met name steenuilnestkasten, om zodoende bijvoorbeeld lokaal – waar gewenst – de nestkasten te voorzien van anti-predatiemaatregelen. Lees meer over predatieonderzoek. |